Verklaring

 
Algemene Verklaring voor Verdraagzaamheid en tegen Uitsluiting

In 1992 werd de Algemene Verklaring tegen Rassendiscriminatie ondertekend door diverse organisaties uit verschillende maatschappelijke sectoren zoals politiek, pers, onderwijs, bedrijfsraden en kerken.

De ondertekenaars hiervan beschouwden discriminatie als een sociaal onrecht en verklaarden dat zij vooroordelen, intolerantie en achterstelling op alle terreinen zouden tegengaan.

Nu, meer dan een decennium later, voelen veel mensen opnieuw de behoefte om een krachtig signaal af te geven voor verdraagzaamheid en dialoog en tegen segregatie en discriminatie. Zij doen dit door het ondertekenen van de Algemene verklaring voor Verdraagzaamheid en tegen Uitsluiting en roepen ook anderen op dit te doen.

Wij, de ondertekenaars van de Algemene Verklaring voor Verdraagzaamheid en tegen Uitsluiting, bekrachtigen:

het belang en de noodzaak van het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie, artikel 1 van de Nederlandse Grondwet en de Algemene verklaring tegen Rassendiscriminatie uit 1992.

Op basis hiervan verklaren wij:

ons actief in te zullen zetten om discriminatie te voorkomen en te bestrijden, verdraagzaamheid en dialoog tussen verschillende bevolkingsgroepen te bevorderen en segregatie tegen te gaan.

Wij roepen alle inwoners van Nederland op om:

  • het recht om niet gediscrimineerd te worden en de vrijheid van meningsuiting als hoekstenen van de democratie te onderschrijven
  • samen te bouwen aan een maatschappij waar onze kinderen en kleinkinderen veilig, vrij en met respect voor elkaar kunnen opgroeien
  • op basis van wederzijds respect invulling te geven aan gelijke rechten en plichten voor alle inwoners van Nederland, ongeacht hun afkomst
  • samen te werken aan een samenleving waarin ruimte is voor verschillen en discriminatie wordt tegengegaan.